Lieve allemaal, lieve allemaal,
wat heb ik van mezelf gemaakt?
Toen ik me vond was het te laat,
ik heb mij van me afgewend als een gek,
die erop staat te geloven
wat hem wordt ontkent.
Lieve allemaal, tot ziens.
Zal men mij missen?
Niemand wordt gemis,
helemaal niemand.
En jou mist niemand.
Zonder jou loopt alles
zonder jou.
Misschien is je bestaan erger voor anderen
dan je verdwijnen.
Je wou toch een eerlijke antwoord,
dan krijg je een eerlijke antwoord.
Misschien ben je dag eens,
pak weg de zevende hemel,
ben je veel levender dan hiero.
Waarom probeer je het niet eens uit,
flapdrol.
En als je dan dood bent, stuur
je dan een kaart,
dan hang ik hem boven de bar.
Een mooie print van Wolken.
Angst is iets verschrikkelijks, weet je dat?
Bijna alles is angst.
Elke kerk, elke politiek systeem,
elke grens,
het zijn allemaal angsten.
Mensen vertrouwen elkaar niet meer.
Dat kan ik goed begrijpen,
omdat je dan helemaal in de war raakt,
dat je dan niet eens meer weet
of je wil of niet wil blijven leven.
Je moet je natuurlijk niet aan toegeven,
maar het Is wel boeiend
om erover naar te denken.
Als je heel verdrietig bent,
weet je wat je dan moet doen?
Dan moet je naar de
bomen kijken.
En als je dan nog verdrietig bent,
weet je wat dan moet doen?
Dan moet je nog een keer naar de bomen
kijken.
En als je dan nog verdrietig bent,
weet je wat je dan moet doen?
Dan moet je naar de kinderen kij ken,
zie je ze, ik zie ze, voorzichtig oversteken,
ik zie ze, ik zie ze zelfs in bed liggen, boem,
wat liggen die in bed zeg, boem,
en als je dan nog verdrietig bent,
dan ben je wel verschrikke
lijk verdrietig.
Dan moet je denken
aan de woorden
die toevallig op het toneel geschreven staan,
waarvan laatst iemand zei
waarom leert hij dat niet uit zijn hoofd?
Daar zou ik een lange
verklaring voor kunnen geven.
Kort gezegd, al les wat ik begrijp,
vertrouw ik niet.
Wanneer de lente komt,
wanneer de lente komt en als ik dan al dood ben,
zullen de bloemen net zo bloeien
en de bomen zullen niet minder
groen zijn
dan het vorig voorjaar. De werkelijkheid
heeft mij niet nodig.
Ik voel een enorme vreugde
bij de gedachte dat mijn dood
volstrekt onbelangrijk is.
Men mag, men mag
Latijn bid den boven mijn kist indien men wil,
men mag rondom
dansen en zingen.
Ik heb geen voorkeur voor
wanneer ik toch geen voorkeur
meer kan hebben.
Dat wat zal zijn wan neer het zijn zal,
zal zijn dat wat het is.
Dat laatste begrijp ik ook niet helemaal,
dus ik sta er totaal achter.